Publiek warmtebedrijf stap dichterbij maar Rijk moet betaalbaarheid organiseren
De oprichting van een publiek warmtebedrijf dat onder meer in Amsterdam warmtenetten moet gaan aanleggen en beheren is een stap dichterbij gekomen. Gemeente Diemen heeft aangegeven zich op termijn ook te willen aansluiten bij het warmtebedrijf. Gemeente Amsterdam, Nationale Deelneming Warmte (een dochter van Energie Beheer Nederland) en Alliander zijn na de intentieovereenkomst van mei 2025 het onderling eens geworden over de voorwaarden en condities en hebben daarom nu een ontwikkelingsovereenkomst getekend. De volgende stap naar de oprichting is alleen te nemen als het Rijk nu maatregelen neemt om de betaalbaarheid van aansluitingen structureel te verbeteren.
Gemeente Amsterdam, Nationale Deelneming Warmte (een dochter van EBN) en Alliander hebben de nieuwe stap vastgelegd in een ontwikkelingsovereenkomst voor de oprichting van een publiek warmtebedrijf. Met een warmtebedrijf in publieke handen is er meer grip en controle op een snelle aanleg van warmtenetten. In de afgelopen jaren bleek de samenwerking tussen overheid en private partijen in warmteprojecten niet te leiden tot de gewenste groei in het aantal aansluitingen op warmtenetten. Projecten kwamen stil te staan, terwijl warmtenetten essentieel zijn voor de energietransitie.
Naast de ambities om de warmtevoorziening van de stad te verduurzamen maken de huidige geopolitieke spanningen en de energiecrisis een onafhankelijkere en toekomstbestendige Amsterdamse warmtevoorziening belangrijker dan ooit. De oprichting van een publiek warmtebedrijf vormt hierin een belangrijke stap en is daarmee een lange termijn investering in een stabielere energierekening.
Voor de deelnemende partijen staat nu alles klaar om een publiek warmtebedrijf op te richten. Dat is echter alleen zinvol als de randvoorwaarden voor de aanleg van warmtenetten ook zijn geregeld door het Rijk. Er is nu te weinig geld waardoor de aansluiting op een warmtenet voor gebouweigenaren onaantrekkelijk is. De subsidies die er zijn, zijn versnipperd per doelgroep. Voor één warmtenet moeten daardoor eindeloos veel regelingen worden opgevraagd. De deelnemende partijen hopen dat het Rijk snel stappen zet in het goed organiseren van deze randvoorwaarden, zodat de weg vrij is naar stabiele, schone warmte in eigen regie.
De partijen hebben overeenstemming bereikt over de verdere ontwikkeling van een publiek warmtebedrijf met gelijkwaardig aandeelhouderschap. Besluiten zullen gezamenlijk worden genomen, Het bedrijf zal zich in eerste instantie richten op de ontwikkeling van eigen duurzame warmtebronnen en -netten in wijken buiten de bestaande stadswarmtenetten. Op termijn is het doel toe te werken naar één publiek warmtebedrijf voor de regio Amsterdam, dat bijdraagt aan CO₂reductie, energieonafhankelijkheid en een toekomstbestendige warmtevoorziening.
Gemeente Amsterdam, Nationale Deelneming Warmte (een dochter van EBN) en Alliander hebben de nieuwe stap vastgelegd in een ontwikkelingsovereenkomst voor de oprichting van een publiek warmtebedrijf. Met een warmtebedrijf in publieke handen is er meer grip en controle op een snelle aanleg van warmtenetten. In de afgelopen jaren bleek de samenwerking tussen overheid en private partijen in warmteprojecten niet te leiden tot de gewenste groei in het aantal aansluitingen op warmtenetten. Projecten kwamen stil te staan, terwijl warmtenetten essentieel zijn voor de energietransitie.
Naast de ambities om de warmtevoorziening van de stad te verduurzamen maken de huidige geopolitieke spanningen en de energiecrisis een onafhankelijkere en toekomstbestendige Amsterdamse warmtevoorziening belangrijker dan ooit. De oprichting van een publiek warmtebedrijf vormt hierin een belangrijke stap en is daarmee een lange termijn investering in een stabielere energierekening.
Voor de deelnemende partijen staat nu alles klaar om een publiek warmtebedrijf op te richten. Dat is echter alleen zinvol als de randvoorwaarden voor de aanleg van warmtenetten ook zijn geregeld door het Rijk. Er is nu te weinig geld waardoor de aansluiting op een warmtenet voor gebouweigenaren onaantrekkelijk is. De subsidies die er zijn, zijn versnipperd per doelgroep. Voor één warmtenet moeten daardoor eindeloos veel regelingen worden opgevraagd. De deelnemende partijen hopen dat het Rijk snel stappen zet in het goed organiseren van deze randvoorwaarden, zodat de weg vrij is naar stabiele, schone warmte in eigen regie.
De partijen hebben overeenstemming bereikt over de verdere ontwikkeling van een publiek warmtebedrijf met gelijkwaardig aandeelhouderschap. Besluiten zullen gezamenlijk worden genomen, Het bedrijf zal zich in eerste instantie richten op de ontwikkeling van eigen duurzame warmtebronnen en -netten in wijken buiten de bestaande stadswarmtenetten. Op termijn is het doel toe te werken naar één publiek warmtebedrijf voor de regio Amsterdam, dat bijdraagt aan CO₂reductie, energieonafhankelijkheid en een toekomstbestendige warmtevoorziening.

Geen opmerkingen: