Pagina's

vrijdag 24 juli 2026

Afname energiearmoede stagneert in 2025

In 2025 hadden naar schatting 503.000 huishoudens te maken met energiearmoede. Nadat de financiële steunmaatregelen in 2024 zijn stopgezet, steeg het aandeel huishoudens met energiearmoede naar 6 procent. In 2025 verandert dit niet. Wel is het lager dan in 2021, het jaar voordat de steunmaatregelen werden ingevoerd. Dat blijkt uit nieuwe voorlopige cijfers van TNO en het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

In het rapport Energiearmoede in Nederland en de Monitor Energiearmoede hebben TNO en het CBS onderzocht hoe energiearmoede zich tussen 2019 en 2025 heeft ontwikkeld. De cijfers voor 2025 zijn gebaseerd op een voorlopige schatting door TNO, omdat nog niet alle gegevens beschikbaar zijn.

Huishoudens met energiearmoede hebben een laag inkomen in combinatie met hoge energiekosten en/of een woning met een lage energetische (kosten)kwaliteit. Dat is een woning die slecht te verwarmen is en/of geen energie kan opwekken met bijvoorbeeld zonnepanelen. In 2025 hadden naar schatting 503 duizend huishoudens te maken met energiearmoede, dat is 6 procent van alle huishoudens. Dit is gelijk aan 2024.

Binnen deze groep is wel wat verschoven. Zo neemt het aantal huishoudens met een laag inkomen en een woning met een slechte energiekwaliteit verder af. Het aantal huishoudens met een laag inkomen en hoge energiekosten neemt echter toe, van 385 duizend in 2024 naar 410 duizend in 2025. Dit komt vooral door een hoger energieverbruik en een stijging van de vaste leveringskosten voor gas en elektra.

Voor het eerst is niet alleen gekeken naar hoeveel huishoudens met energiearmoede te maken hebben, maar ook naar de diepte van het probleem. Dit gebeurt met de betaalbaarheidskloof: het bedrag dat een huishouden met energiearmoede jaarlijks tekortkomt om de energiekosten onder de grens van energiearmoede te brengen. Die kloof is in 2025 verder toegenomen. Huishoudens met een laag inkomen en hoge energiekosten komen gemiddeld 624 euro per jaar tekort. In 2024 was dat 577 euro. Om deze energiearme huishoudens in 2025 uit energiearmoede te helpen was circa 256 miljoen euro nodig geweest.

Energiearme huishoudens in woningen met een zeer slechte energiekwaliteit en energiearme huishoudens met een koopwoning hebben de grootste tekorten. Zij komen gemiddeld respectievelijk 1 295 euro en 967 euro per jaar tekort om uit energiearmoede te komen.

Tijdens de energiecrisis na de Russische inval in Oekraïne in 2022 stegen de energiekosten voor iedereen flink. Financiële steunmaatregelen hebben in 2022 en 2023 een aantal huishoudens behoed voor energiearmoede. Maar een relatief kleine groep huishoudens met een laag inkomen had ondanks de steun alsnog hoge energiekosten, met een gemiddelde betaalbaarheidskloof van 738 euro per jaar in 2022 en 821 euro in 2023.

Energiearmoede komt relatief vaak voor in grote steden en in Noordoost-Groningen en Zuid-Limburg. De huishoudens met een diepe betaalbaarheidskloof wonen vooral aan de randen van Nederland.

ENGIE Vianeo geeft het startschot aan de eerste openbare aanbesteding voor elektrische laadpunten in Wallonië

Begin juli zijn in Namen twee nieuwe openbare laadpalen in gebruik genomen in aanwezigheid van François Desquesnes, vicepresident en Waals minister van Mobiliteit, en Charlotte Bazelaire, waarnemend burgemeester van de stad Namen.

De twee laadpalen die in Namen zijn ingehuldigd, hebben vier laadpunten van 22 kW om te voorzien in de dagelijkse behoeften van bestuurders van elektrische auto’s. Ze staan in de Rue Rempart de la Vierge, een drukbezocht deel van de Waalse hoofdstad vlak bij het station, de universiteiten en het Louise Marie-park, en maken elektrische mobiliteit toegankelijker voor inwoners, werknemers en bezoekers van de stad. De laadpalen worden gevoed met 100% groene stroom.1 Deze ingebruikname past in de strategie om een lokaal netwerk uit te bouwen dat het hele Waalse grondgebied dekt, met infrastructuur die is aangepast aan gebruik in de stad en de voorsteden. In Namen zal ENGIE Vianeo op termijn 25 laadpalen exploiteren, goed voor 50 oplaadpunten verspreid over verschillende belangrijke locaties (zwembad, citadel, sportcentrum, marktplaatsen, enz.).

Deze opening is de eerste zichtbare stap in een project van regionale omvang. ENGIE Vianeo, dat afgelopen april door de Waalse autoriteiten werd geselecteerd, gaat tegen mei 2028 een netwerk van 3.165 openbare laadpunten uitrollen, verspreid over 242 gemeenten, waarmee vrijwel het hele Waalse grondgebied wordt bestreken. Het Waalse netwerk zal bestaan uit laadpalen van 22 kW, die bijzonder geschikt zijn voor dagelijks gebruik, zodat automobilisten hun auto kunnen opladen in de buurt van hun huis, hun werk of tijdens hun ritjes in de stad.

donderdag 23 juli 2026

Belgische Energreen Pro bouwt één van de grootste zonnedaken in Nederland

De Belgische installateur Energreen Pro heeft de eerste fase opgeleverd van een grootschalig zonnedakproject in Moerdijk. Op het dak van een logistiek warehouse van 113.500 m² werden 17.263 zonnepanelen geplaatst, goed voor een piekvermogen van 7,6 MWp. Het project wordt in vijf fases gerealiseerd en groeit de komende jaren uit tot een installatie van circa 40 MWp. Daarmee zal het behoren tot de grootste zonnedakinstallaties van Nederland.

De eerste fase zal naar verwachting jaarlijks 6.456 MWh duurzame elektriciteit produceren, vergelijkbaar met het gemiddelde jaarlijkse stroomverbruik van ongeveer 2.530 Nederlandse huishoudens. Op basis van de huidige Nederlandse elektriciteitsmix betekent dat een vermeden uitstoot van circa 1.575 ton CO₂ per jaar.

Het project werd uitgevoerd in opdracht van Van der Heijden Bouw voor gebouweigenaar Hebema II BV. De uitvoering startte in januari 2026 en werd in juni succesvol afgerond, inclusief de SCOPE 12-keuring. Ondanks de aanwezigheid van meerdere aannemers op de bouwplaats werd de vooropgestelde planning gehaald.

De installatie wordt de komende jaren verder uitgebreid. Eind 2026 start fase B, gevolgd door fase C in 2027. Voor de laatste twee fases lopen de vergunningsprocedures. Na volledige realisatie beschikt de logistieke site over ongeveer 40 MWp aan opgesteld vermogen, waarmee het project tot de grootste zonnedakinstallaties van Nederland behoort.

Nederlandse wereldprimeur maakt cv-ketel geschikt voor aardgas, groen gas en waterstof

Een Nederlands consortium van Stedin, Intergas, GasTerra, Bekaert en DNV presenteert een wereldprimeur: een Multifuel-ketel die zich automatisch aanpast aan verschillende soorten gas. Het proof-of-concept werkt op aardgas, waterstof en iedere mengverhouding daartussen en laat zien hoe woningen eenvoudiger kunnen meegroeien met het energiesysteem van de toekomst.

“Nu moet bij elke overstap naar een andere gaskwaliteit niet alleen het net, maar ook woning voor woning de apparatuur worden aangepast. Dat maakt verduurzaming traag, duur en complex. Bij deze nieuwe ketel maakt het niet meer uit, die kan alle gassen aan. De nieuwe ketel is ook geschikt voor waterstof,” legt Albert van der Molen van Stedin uit. 

De Multifuel-ketel is relevant voor miljoenen Nederlandse huishoudens die nog steeds worden verwarmd met een individuele cv-ketel. Op basis van CBS-cijfers hangen er naar schatting nog zo’n 7 miljoen cv-ketels in Nederland. Het Nederlandse energiesysteem bestaat nog altijd voor 70% uit aardgas. De verwachting is dat veel woningen straks worden verwarmd met een combinatie van een warmtepomp en een cv-ketel. De warmtepomp doet het grootste deel van het werk, terwijl de cv-ketel bijspringt op koude winterdagen of wanneer er veel warm water nodig is. 

De Multifuel-ketel kan daarbij moeiteloos omgaan met verschillende soorten gas. Daardoor hoeven netbeheerders niet meer te wachten tot hele wijken tegelijk zijn aangepast voordat ze kunnen overstappen op een nieuwe gassoort. Bewoners ervaren veel minder overlast, installateurs komen minder onder druk te staan en bestaande radiatoren en verwarmingssystemen kunnen gewoon blijven hangen. Zo maakt de Multifuel-ketel de overstap naar een duurzamer energiesysteem sneller, goedkoper en makkelijker. zegt Gerrit Zijlstra van Intergas.

De omvang van het vraagstuk is groot. Om buitenlands gas geschikt te maken voor Nederlandse huishoudens investeerde Nederland ruim een half miljard euro in een stikstoffabriek in Zuidbroek. Die installatie produceert jaarlijks miljarden kubieke meters zogenoemd pseudo-Groningengas, speciaal bedoeld voor bestaande cv-ketels. Dat proces kost nog eens tientallen miljoenen euro’s per jaar. “De Multifuel-ketel kiest voor een fundamenteel andere aanpak: niet het gas wordt aangepast aan de ketel, maar de ketel aan het gas,” zegt Gerard Martinus van Gasterra. “En de ketel doet dat bovendien geheel automatisch.”

Het huidige proof-of-concept van de Multifuel-ketel draait op Nederlands laagcalorisch aardgas, waterstof en iedere mengverhouding daartussen. In een volgende ontwikkelfase willen de partners de technologie uitbreiden naar hoogcalorisch aardgas en zogenoemd off-spec biogas. Juist die uitbreiding maakt de technologie internationaal interessant. Veel landen staan de komende decennia voor dezelfde uitdaging: hoe ga je om met een energiesysteem waarin aardgas, waterstof, groen gas en andere duurzame gassen naast elkaar bestaan?

“Overal ter wereld zoeken landen naar manieren om hun bestaande energie-infrastructuur toekomstbestendig te maken," zegt Johan Knijp, Directeur van DNV’s Technology Centre Groningen. "Nederland laat zien dat je niet hoeft te kiezen voor één winnend molecuul. Je kunt ook apparaten ontwikkelen die slim genoeg zijn om met verschillende gassen om te gaan. Technisch werkt alles, deze unieke Nederlandse innovatie is nu klaar om op te schalen.” 

woensdag 22 juli 2026

Gemeente Voorschoten en Liander maken aanvullende afspraken over elektriciteitshuisjes

Gemeente Voorschoten heeft aanvullende afspraken gemaakt met netbeheerder Liander over het plaatsen van extra elektriciteitshuisjes in de wijken. Hierdoor wordt het voor inwoners duidelijker hoe en waar deze komen.

De energietransitie is in volle gang. Daardoor neemt de vraag naar capaciteit op het stroomnet enorm toe. Steeds meer mensen installeren zonnepanelen en warmtepompen en het aantal elektrische auto’s stijgt. 

Om die reden is het nodig het stroomnet in dorpen en wijken te versterken en klaar te maken voor de toekomstige energiebehoefte. Liander en de gemeente Voorschoten slaan de handen ineen om deze opgave aan te pakken.

Onder meer is afgesproken hoe inwoners worden geïnformeerd over de plannen in hun buurt. Voor omwonenden moet duidelijk zijn waarom een elektriciteitshuisje nodig is, hoe locaties worden bepaald, welke afwegingen daarbij een rol spelen en wat zij kunnen verwachten in het vervolgproces.

Datacenterwarmte gaat kassen verwarmen

Gemeente Uithoorn tekende met het collectief van tientallen glastuinbouwers in De Kwakel-Kudelstaart (DKK) en Switch Datacenters afgelopen week een meerpartijenovereenkomst voor de verdere ontwikkeling van een warmtenet dat gevoed gaat worden met groene warmte door datathermie van een nieuw datacenter.

Het unieke initiatief van de partijen draagt bij aan de verduurzaming van de glastuinbouw in De Kwakel-Kudelstaart. De partijen, samen met Greenport Aalsmeer en netbeheerder Liander, hebben hiervoor een structurele en toekomstvaste aanpak uitgewerkt, waarmee de overstap van gas naar duurzame warmte mogelijk wordt. Recent heeft het project een SDE++-subsidie van het Rijk ontvangen waarmee het fundament is gelegd onder de financiële haalbaarheid van dit initiatief en de verdere ontwikkeling een versnelling krijgt.

Volgens onderzoek van Liander zou de verduurzaming en elektrificatie van de glastuinbouw in dit gebied zonder deze koppeling tussen het datacenter en het warmtenet een zeer lastige opgave worden. Door groene residuele warmte (datathermie) uit het datacenter centraal te benutten, is niet voor iedere tuinder een eigen warmtepomp nodig. Dat vermindert de druk op het elektriciteitsnet en helpt netcongestie te voorkomen. Bovendien is de fysieke ruimte om het elektriciteitsnet in dit gebied voldoende uit te breiden beperkt. Deze oplossing kan daardoor sneller worden gerealiseerd en vraagt om veel lagere investeringen van de netbeheerder dan alternatieven.

De stroom voor het datacenter zal uit 100% Nederlandse wind en zon bestaan en is dus duurzaam volgens het nieuwste Greenhouse Gas Protocol. Het datacenter vangt een groot deel van de energie dievrijkomt als warmte van de servers weer op en levert die aan het warmtenet. Het datacenter krijgt op zijn beurt koud water terug uit het warmtenet, dat wordt gebruikt voor de koeling van serverapparatuur van klanten. Deze uitwisseling van warmte en koude gebeurt in een gesloten systeem, zonder gebruik van drink- of oppervlaktewater. Het datacenter zal modulair gebouwd worden op circulaire wijze ineen voormalig logistiek gebouw dat deels wordt hergebruikt en zich in de nabijheid van de glastuinbouw bevindt, waardoor er geen extra ruimtebeslag zal zijn in een gebied waar ruimte schaars is.

Verantwoordelijk wethouder Jan Hazen van Uithoorn is positief over het initiatief: “De glastuinbouw staat voor een grote verduurzamingsopgave. Dit project kan een belangrijke bijdrage leveren door tuinders toegang te geven tot een alternatief voor aardgas op basis van datathermie. Daarmee wordt residuele groene warmte uit een datacenter nuttig ingezet voor de verwarming van kassen. Tegelijkertijd kan het project helpen om de belasting van het elektriciteitsnet te beperken. Het is een voorbeeld van hoe partijen uit verschillende sectoren gezamenlijk kunnen werken aan duurzame en toekomstbestendige oplossingen.”

Patrick Hogenboom, mede-eigenaar van een van de glastuinbouwbedrijven en woordvoerder namens DKK en namens de energiecoöperatie die de tuinders hebben opgericht, is verheugd over de gemaakte afspraken: “Onze energievoorziening wordt hierdoor nog duurzamer, milieuvriendelijker en vooral minder afhankelijk van gas, waarvan de prijs door geopolitieke spanningen steeds onvoorspelbaarder wordt. Met dit initiatief hebben we straks de beschikking over een constante warmtebron waarmee we onze bedrijfsvoering naar een volgende fase van verduurzaming kunnen brengen.”

Greenport Aalsmeer directeur Ruud Knorr geeft aan: “De Kwakel-Kudelstaart is het grootste glastuinbouwgebied binnen Greenport Aalsmeer. Voor de toekomstbestendigheid van dit gebied is een warmtenet een cruciaal onderdeel. Greenport Aalsmeer heeft in 2020 de gebiedsinventarisatie energie opgesteld en vervolgens tuinders bij elkaar gebracht in een energiecoöperatie. We zijn heel blij met deze belangrijke stap richting daadwerkelijke realisatie.”

De provincie Noord-Holland heeft in de Datacenterstrategie Noord-Holland 2025–2027 ruimte geboden voor solitaire datacenterontwikkelingen buiten de aangewezen clustergemeenten (Amsterdam, Haarlemmermeer en Hollands Kroon). Voor deze ontwikkelingen geldt dat zij, naast de bestaande vestigingsvoorwaarden, moeten voldoen aan aanvullende criteria. Zo moet een datacenterontwikkeling aansluiten bij de ruimtelijke en strategische doelstellingen en ambities van de betreffende gemeente, bijdragen aan het verminderen van netcongestie en een positieve bijdrage leveren aan de brede welvaart.

Huibert Baud, directeur Klant & Ontwerp bij Liander: “Dit project laat zien hoe verduurzaming, digitale infrastructuur en slim gebruik van het elektriciteitsnet samen kunnen gaan. Als netbeheerder lopen we ook in dit gebied tegen de ruimtelijke en energetische grenzen van het net aan. Dat kan gevolgen hebben voor woningbouw en bedrijvigheid. Door samen met lokale overheden en bedrijven slimme keuzes te maken, zoals het centraal benutten van restwarmte en flexibel omgaan met vermogen, kunnen we groei ondanks schaarste toch mogelijk maken. Dit soort keuzes en samenwerking zijn hard nodig, omdat niet alles altijd en overal meer kan.”

dinsdag 21 juli 2026

Renewi roept op om batterijen uit het afval te houden

Natuurbranden en branden in gebouwen beheersen het nieuws. Ook afval- en recyclingbedrijven zijn extra alert wanneer de temperaturen stijgen. Warmte kan processen zoals broei (i.e. spontane ontbranding) versterken. Maar een groot deel van het brandgevaar in de afvalsector heeft niets met het weer te maken. Een losse batterij of een klein apparaat met ingebouwde accu kan tijdens inzamelen, samenpersen of sorteren beschadigd raken. Daardoor kan brand ontstaan. Renewi roept consumenten en bedrijven daarom op om ze altijd apart in te leveren.

Accu’s en lithium-ion batterijen zitten in powerbanks, vapes, speelgoed, wenskaarten met geluid, elektrische tandenborstels, vliegenmeppers draadloze oortjes en kleine huishoudelijke apparaten. Als die producten bij het restafval, papier of ander recyclerbaar materiaal terechtkomen, vormen ze een risico voor medewerkers, installaties en de omgeving.

Renewi roept iedereen op om losse batterijen en accu’s naar een erkend inzamelpunt te brengen. Apparaten met een ingebouwde batterij horen bij het elektronisch afval. Ook bedrijven moeten batterijen, accu’s en elektrische apparaten gescheiden houden van hun andere afvalstromen.
Wie twijfelt of ergens een batterij in zit, houdt het product beter apart en vraagt bij de gemeente, afvalinzamelaar of een inzamelpunt waar het thuishoort.

Er zijn in Nederland meer dan 30.000 inzamelpunten voor gebruikte batterijen. Elektrische apparaten kunnen worden ingeleverd bij daarvoor bestemde inzamelpunten, winkels of de gemeentelijke milieustraat.

Liander en gemeente Lingewaard bundelen krachten voor een toekomstbestendig elektriciteitsnet

Liander en de gemeente Lingewaard zetten samen een belangrijke stap om het elektriciteitsnet in de gemeente klaar te maken voor de toekomst. Met de ondertekening van een overeenkomst voor de buurtaanpak leggen we de afspraken vast over de uitbreiding en verzwaring van het elektriciteitsnet. Zo kunnen we blijven voorzien in de groeiende vraag naar elektriciteit van inwoners, ondernemers en maatschappelijke voorzieningen.

De vraag naar elektriciteit neemt snel toe. Om het elektriciteitsnet hierop voor te bereiden, plaatsen we de komende jaren extra transformatorhuisjes en leggen we nieuwe elektriciteitskabels aan. Deze uitbreiding vergroot de capaciteit van het netwerk en draagt bij aan een betrouwbare elektriciteitsvoorziening, nu en in de toekomst.

De werkzaamheden worden uitgevoerd volgens de buurtaanpak. Dat betekent dat we per dorp of buurt aan de slag gaan. Zo kunnen we werkzaamheden slim combineren, de overlast voor de omgeving zoveel mogelijk beperken en efficiënt werken aan een sterker elektriciteitsnet.

Met de ondertekening van de overeenkomst zetten Liander en de gemeente Lingewaard de volgende stap in hun samenwerking. De afspraken vormen de basis voor een goede voorbereiding, uitvoering en communicatie rondom de projecten.

"Om inwoners van Lingewaard nu en in de toekomst van voldoende elektriciteit te voorzien, is een toekomstbestendig elektriciteitsnet essentieel," zegt Casper Vogelaar, Relatiemanager Publieke Sector bij Liander. "Door samen met de gemeente per buurt een plan te maken, kunnen we het netwerk op tijd uitbreiden en aanpassen aan de groeiende vraag. Zo werken we samen aan een betrouwbaar elektriciteitsnet."

Léon Dekkers, wethouder Klimaat, Energie en Circulariteit van de gemeente Lingewaard, vult aan: "We staan voor een enorme klus. We moeten veel doen in relatief weinig tijd. In zo'n situatie zijn overzicht, goede afspraken en een betrouwbare partner essentieel. Die komen samen in de vandaag getekende overeenkomst voor de buurtaanpak."

De overeenkomst is mede opgesteld op basis van de ervaringen rondom de plaatsing van een transformatorhuisje in het centrum van Huissen in 2025. De gemaakte afspraken zorgen voor meer duidelijkheid over de voorbereiding, uitvoering en communicatie bij toekomstige projecten. We informeren inwoners en ondernemers ruim voordat de werkzaamheden in hun buurt starten, zodat zij weten wat er gaat gebeuren en wat dit voor hun omgeving betekent.

maandag 20 juli 2026

Gasprijs stijgt naar hetzelfde niveau als bij begin onrust in Iran

De toenemende onrust in Iran drijft de energieprijzen behoorlijk op. Consumenten die nu een nieuw energiecontract afsluiten, betalen veel meer dan begin juli. De all-in jaarprijs voor een gemiddeld huishouden ligt vandaag op 2.026 euro. Dat is een toename van 5,9 procent ten opzichte van begin juli. De gasprijzen op de groothandelsmarkt bereikten vandaag een niveau van 60 euro per MWh. Daarmee stijgt de marktprijs opnieuw naar het hoge niveau van begin maart, vlak na het uitbreken van de oorlog in Iran. Dat blijkt uit actuele marktdata van vergelijkingssite Overstappen.nl.

Wie vandaag een energiecontract afsluit met een gemiddeld verbruik (2.500 kWh stroom en 1.000 m³ gas), is op jaarbasis € 2.026,- kwijt. De prijzen zijn de afgelopen dagen in rap tempo opgelopen. Op 2 juli bedroeg de all-in jaarprijs nog € 1.912,-, maar op 15 juli was deze al gestegen naar € 1.982,-. In slechts vijf dagen tijd (tussen 15 en 20 juli) steeg de prijs vervolgens nog eens met 2,1%, tot de huidige prijs van € 2.026,-.

De aanleiding voor de recente prijsstijging zijn nieuwe escalaties tussen de Verenigde Staten en Iran nu de vredesonderhandelingen op losse schroeven staan. Er werd vanochtend onder andere een brand gemeld op een olietanker in de Straat van Hormuz. Door deze zeestraat varen boten die olie en gas vervoeren. Sinds deze straat moeilijk te bevaren is, is er minder gas beschikbaar, zijn de verzekeringen voor boten duurder en lopen daarmee ook de olie- en gasprijzen op.

Daardoor opende de gasmarkt vanochtend hoog en tikte de marktprijs de € 60,- per MWh aan. Een vergelijkbare piekprijs rond de € 60,- was te zien aan het begin van de oorlog in maart. Na aanvallen op gasinstallaties in Qatar op 19 maart opende de beurs destijds zelfs op € 72,- per MWh.

“Naast de internationale geopolitieke spanningen spelen ook binnenlandse factoren een rol bij de hoge marktprijs”, licht Boenink toe. “De Nederlandse gasopslagen zijn momenteel voor slechts zo’n 33% gevuld, wat aanzienlijk lager is dan de vulgraad van 55% in dezelfde periode vorig jaar. Om te voldoen aan de Europese afspraken moet Nederland de voorraden voor de winter voor minimaal 74% vullen. De komende maanden moet er dus nog veel gas ingekocht worden.”
Grote voorkeur voor vaste contracten

Ondanks de stijgende marktprijzen blijven energieleveranciers vooralsnog vaste contracten aanbieden. Boenink: “Meer dan 90% van de consumenten kiest momenteel voor de zekerheid van een vast contract. Voor een eenjarig contract liggen de gasprijzen momenteel tussen de € 1,35 en € 1,55 per m³ gas. Voor consumenten die hun verbruik goed kunnen sturen, blijft een dynamisch contract ook interessant. Hoewel de dynamische stroomtarieven vooral in de ochtend en avond hoog staan, zijn de tarieven overdag juist relatief vaak erg laag. Zo bedroeg de stroomprijs gisteren nog acht uur achter elkaar € 0,-. Consu

Energiemonitor ACM: variabele consumententarieven voor gas deze maand met 7% omhoog

De tarieven voor variabele contracten voor gas zijn per 1 juli met circa 7% gestegen ten opzichte van vorige maand en liggen daarmee 12% hoger dan vlak voor de oorlog in Iran. Dat blijkt uit de Energiemonitor van de Autoriteit Consument & Markt (ACM). Omdat leveranciers de tarieven van variabele contracten vaak vier keer per jaar aanpassen, bleven deze tarieven sinds het uitbreken van de oorlog lange tijd betrekkelijk constant. De ACM wees vorige maand al op de te verwachten hogere prijzen voor variabele contracten.

De variabele tarieven voor elektriciteit zijn met een stijging van ca. 3% ten opzichte van vorige maand én ten opzichte van de periode vóór de oorlog minder sterk gestegen. Dit contrast met gas laat de gevolgen van de energietransitie zien. Door het groeiende aandeel zon- en windenergie is er minder aardgas nodig voor de productie van elektriciteit, waardoor een stijgende gasprijs minder sterk doorwerkt in de elektriciteitstarieven.

Dankzij de investeringen in windparken en in zonne-energie is Nederland de afgelopen jaren steeds meer een netto-exporteur van duurzame elektriciteit geworden. In de eerste helft van 2026 exporteerde Nederland 7,7TWh elektriciteit, vooral naar België, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk. Ongeveer de helft van alle elektriciteit die in Nederland wordt opgewekt is afkomstig van windmolens en van zonneparken en zonnepanelen op de daken van huishoudens en bedrijven.

De prijzen van aangeboden vaste contracten zijn deze maand met 1 tot 6% gedaald ten opzichte van vorige maand. Dit is consistent met de tijdelijk gedaalde, maar vooral volatiele, groothandelsprijzen van de afgelopen maand.

Direct na het uitbreken van de oorlog in Iran hebben relatief veel consumenten gekozen voor een vast contract. Waar het afgelopen jaar de netto groei van het aantal vaste contracten maandelijks circa 25.000 huishoudens bedroeg, was dit in maart 110.000 en in april 40.000. In mei is dit echter omgeslagen naar een netto-daling van 17.000. Het aantal consumenten met een dynamisch contract is daarbij blijven stijgen: in maart netto met 17.000, in april met 23.000 en in mei met 30.000. Veel consumenten kozen de afgelopen maanden voor een vast contract bij dezelfde leverancier. Het aantal consumenten dat is overgestapt naar een andere leverancier is namelijk juist al maandenlang opvallend laag. De groei van vaste contracten is dus vooral afkomstig van consumenten die daarvoor een variabel contract hadden bij dezelfde leverancier.

Er blijft een ruim aanbod van verschillende typen contracten. De ACM raadt consumenten aan goed na te denken welk type contract het meest passend is voor de eigen situatie. Bij een vast contract staan de tarieven voor een afgesproken periode vast. Dit biedt zekerheid over het tarief, maar consumenten profiteren gedurende die periode niet van eventuele prijsdalingen op de markt. Consumenten die een vast contract voor het einde van de looptijd willen beëindigen moeten vaak een opzegvergoeding betalen. Bij een variabel contract wijzigen de tarieven meestal vier keer per jaar; deze tarieven kunnen zowel dalen als stijgen. Bij een dynamisch contract volgen de tarieven de prijzen op de groothandelsmarkt en variëren deze per kwartier of per dag. Consumenten kunnen daardoor profiteren van lage prijzen, bijvoorbeeld als er veel stroom van zonnepanelen of windmolens beschikbaar is, maar dragen ook het risico van plotseling hogere prijzen.

De gasprijs op de groothandelsmarkt bleef de afgelopen maand sterk volatiel. De prijs daalde eerst van circa €51/MWh naar €41/MWh, om vervolgens weer te stijgen tot ongeveer €54/MWh. Daarmee ligt de prijs weer hoger dan een maand geleden.

Europees Marktonderzoek: sterke groei van batterijcapaciteit, Nederland voorloper in achter de meter opslag

De Europese batterijcapaciteit zal in 2030 bijna 500 GWh bereiken. Dit becijfert LCPDelta in hun jaarlijkse European Market Monitor on Energy Storage in opdracht van Energy Storage Europe, de Europese brancheorganisatie voor energieopslag waarbij Energy Storage NL is aangesloten. In het onderzoek bekijken zij een groot aantal Europese landen en maken de onderzoekers onderscheid in verschillende opslagtechnieken, voor en achter de meter opslag en stand-alone-, co-located- en thuisbatterijen. Nederland zal een sterke groei zien in deze verschillende segmenten van BESS opslag.

De prognoses tonen dat Nederland een groter aandeel van de Europese BESS capaciteit zal leveren tegen 2030. Waar dit nu gaat om 2,7GWh volgens de studie, zal dit groeien naar zeker 35,6 GWh. Dit is 13,5% van de Europese capaciteit. Verder zal de duur van opslag verschuiven van 2-3 uur naar 3-4 uur. Dit impliceert dat Nederland hoort bij de voorlopers op het gebied van realiseren van nieuwe BESS technieken.

Als het gaat om opslagsystemen voor de meter, denk aan grootschalige standalone batterijen, dan doet Nederland niet mee met koplopers Groot-Brittannië, Italië, Bulgarije, België en Duitsland. Ook richting 2030 blijven Groot-Brittannië en Italië leidend, gevolgd door Duitsland, Polen en Spanje. In 2030 verwacht LCPDelta een voor de meter capaciteit van 10-20 GWh in Nederland. Nederland heeft hier wel duidelijke potentie, maar mist momenteel de twee belangrijkste Europese versnellers: een capaciteitsmarkt en andere instrumenten die zorgen voor zekerheid van inkomsten, zoals het MACSE in Italië of de Poolse opslagsubsidies.

Achter de meter loopt Nederland voorop in de EU. Met 1050 MWh aan nieuwe capaciteit in 2025 neemt het de derde plaats in, onder Italië en Duitsland. Richting 2030 wordt Nederland genoemd als één van de leidende markten, met vooral sterke groei in thuisbatterijen en batterijen achter de meter bij bedrijven en industrie. Het afschaffen van de salderingsregeling in 2027 zorgt voor een sterke groei in thuisbatterijen in ons land. Verwachting is dat dit zal groeien met 100.000 nieuwe systemen per jaar, met een sterke piek in 2027. Bij bedrijven wordt ook een groei van 2-3GW aan vermogen verwacht tot 2030, met netcongestie als belangrijkste driver.

Nederland hoort bij de landen met een zeer hoog aandeel wind en zon ten opzichte van totale opwekcapaciteit. Dit vraagt om meer flexibiliteit voor de betrouwbaarheid van het net en om negatieve prijsuren op te vangen. De relatief grotere afhankelijkheid van wind vraagt daarnaast om meer langeduur opslag (LDES). Opslag achter de meter lijkt goed gestimuleerd te worden door marktprikkels zoals netcongestie en salderingsafbouw.

Nederland komt echter ook negatief naar voren in de studie. Het wordt ingezet als case study voor te hoge nettarieven. Conclusie: deze vormen een duidelijke barrière voor opslag. LCPDelta ziet potentie in het TDTR-contract als oplossing, maar dan moet dit wel breder beschikbaar komen. Verder wordt inzichtelijk dat Nederland de marktinstrumenten mist om voor de meter grootschalige opslag de nodige inkomstenzekerheid te bieden. Hiervoor is een techniek inclusief capaciteitsmechanisme nodig en een specifiek stimuleringsprogramma zoals het Italiaanse MASCE. Nederland wordt koploper op het gebied van achter de meter opslag, wil het deze rol ook vervullen voor grootschalige opslag voor de meter dan zullen netbeheerders en beleidsmakers moeten ingrijpen.

vrijdag 17 juli 2026

Gasunie strategisch op koers in geopolitiek uitdagend eerste halfjaar

Gasunie heeft in de eerste zes maanden van het jaar belangrijke voortgang geboekt met het toekomstbestendig maken van de energie-infrastructuur, met onder meer de opening van het eerste deel van het waterstofnetwerk in Nederland en het uitbreiden van LNG-capaciteit. Dat blijkt uit het halfjaarbericht 2026, dat vandaag is verschenen.

Gasunie Transport Services (GTS, de netbeheerder van het landelijke gastransportnetwerk) transporteerde 12% meer aardgas naar stroomproducenten. Het gasverbruik in de industrie is het afgelopen halfjaar licht gestegen (+1%). De hoeveelheid gas die naar regionale netbeheerders ging, is juist iets gedaald (-1%).

Het is voor het derde jaar op rij dat het transport naar elektriciteitscentrales in de eerste helft van het jaar stijgt. Aardgas wordt door elektriciteitsproducenten steeds meer ingezet om schommelingen in zon- en windproductie op te vangen, zodat energiezekerheid voor elektriciteit kan worden gegarandeerd. Nu gebeurt dat nog met aardgas, maar in de toekomst zal het gaan om groen gas en waterstof. In het hybride energiesysteem van de toekomst versterken elektrificatie, aardgas en duurzame gassen elkaar.

Gasunie bouwde het afgelopen halfjaar door aan haar strategie: werken aan een betrouwbaar, betaalbaar en duurzaam energiesysteem van de toekomst terwijl het nu zorgt voor een weerbare energievoorziening. Op het gebied van energietransitie werden belangrijke stappen gezet.

Een belangrijke mijlpaal was de opening in mei van de 32 kilometer lange waterstofleiding in de Rotterdamse haven, in aanwezigheid van koning Willem-Alexander. Dit netwerk vormt de start voor een landelijke en Europese waterstofinfrastructuur. In Duitsland maakte Gasunie progressie met de ombouw van aardgasleidingen voor het transport van waterstof.

Opslag wordt een cruciaal onderdeel van de waterstofketen. De toezegging van € 450 miljoen van de overheid voor de ontwikkeling van een waterstof-opslagfaciliteit in Noord-Nederland is een sterk signaal.

In juni ondertekenden Nederlandse en Duitse energie(infra)bedrijven een overeenkomst-op-hoofdlijnen voor de ontwikkeling van een CO2-leiding vanuit het Ruhrgebied naar ondergrondse opslagen in de Noordzee; de zogeheten Delta Rhine Corridor (DRC). Een netwerk dat uitmondt in de offshore-leiding van het Aramis-project.

Onderzoek door PwC in opdracht van Gasunie laat zien dat afvang en opslag van afgevangen CO₂ de meest haalbare en betaalbare route is om de Nederlandse industrie de komende jaren te verduurzamen.

Bij WarmtelinQ in Leiden werd een bouwmijlpaal bereikt. Warmte die eerst verloren ging, krijgt door WarmtelinQ straks een tweede leven: duurzame energie van eigen bodem, en die helpt om de druk op het elektriciteitsnet te verminderen.

Tegelijkertijd werkt Gasunie, samen met partners, aan het versterken van de bestaande energie-infrastructuur. Bij Gate terminal in Rotterdam wordt de laatste hand gelegd aan het uitbreiden van de ontvangstcapaciteit van vloeibaar aardgas (LNG).

Ook is het voorwaardelijke besluit genomen om de EemsEnergyTerminal operationeel te houden, wat de energiezekerheid vergroot voor Nederland en Noordwest-Europa. Daarnaast is bij de bouw van de LNG-terminal in Noord-Duitsland belangrijke voortgang geboekt.

Gasunie Transport Services vervoerde in Nederland in de eerste zes maanden van 2026 335 TWh aardgas; 5% minder dan in dezelfde periode een jaar eerder. Deze daling komt doordat er minder gas over de grens is vervoerd en er minder gas naar de opslagen is gegaan. Het gebruik van aardgas in Nederland is in de eerste helft van 2026 met 2% gestegen (153 TWh), vergeleken met dezelfde periode in 2025 (150 TWh).

Gasunie Deutschland transporteerde 138 TWh aardgas, een stijging van 2% ten opzichte van de eerste helft van vorig jaar. Daarmee bleef het Duitse netwerk een belangrijke schakel in de Noordwest-Europese energievoorziening.

GTS adviseert de Nederlandse regering over de leveringszekerheid van gas. In maart publiceerde GTS een analyse over hoe robuust het gasnetwerk in Europa en Nederland is bij lange storingen; en deed daarbij een aantal concrete voorstellen om het systeem sterker te maken.

De gasbergingen in met name Nederland raken dit jaar langzamer vol dan verwacht. Dit is iets waar we aandacht voor blijven vragen, omdat de opslagen slechts in geleidelijk tempo gevuld kunnen worden. Aan het einde van de winter (31 maart) waren de opslagen voor 5% gevuld. Op 30 juni was dit gestegen naar 26%. In 2025 waren deze percentages aanzienlijk hoger: 21% eind maart en 49% eind juni.

De gerapporteerde halfjaarinkomsten van Gasunie zijn € 211 miljoen hoger uitgekomen op € 1.049 mln. Dit komt vooral door hogere tarieven van GTS in 2026. De operationele kosten zijn gelijk gebleven vergeleken met vorig jaar. Hierdoor laat de EBITDA een positieve ontwikkeling zien ten opzichte van de eerste helft van 2025.

Studenten Solar Team Eindhoven presenteren ‘Stella Juva’ ’s werelds eerste zonne-ambulance

Het Nederlandse studententeam Solar Team Eindhoven heeft een nieuw concept gepresenteerd voor duurzame medische mobiliteit: Stella Juva. Het team wil met dit voertuig medische hulp bereikbaar maken op plekken waar infrastructuur en brandstofvoorziening beperkt zijn.

Stella Juva is de eerste ambulance ter wereld die niet alleen volledig rijdt op de kracht van de zon, maar ook alle medische apparatuur aan boord van stroom voorziet. De ambulance wordt op 21 juli 2026 officieel gepresenteerd. Dit concept biedt een direct alternatief voor regio's waar brandstof- of elektriciteit tekorten de toegang tot gezondheidszorg momenteel ernstig limiteren. Een uitgebreid overzicht van het project inclusief fotomateriaal van de ambulance is te vinden op de projectpagina van Tuningsupply.

Het team bouwt voort op een rijke geschiedenis van innovatie; zo wonnen de studenten uit Eindhoven al vier keer op rij de World Solar Challenge in Australië. De expertise voor Stella Juva komt onder andere voort uit projecten zoals de Stella Terra, de eerste off-road zonne-auto die meer dan 1000 kilometer door de Sahara reed.

“Wat dit project sterk maakt, is dat we als studententeam kunnen bouwen op bestaande expertise uit Europa,” aldus Solar Team Eindhoven. “We werken samen met lokale gespecialiseerde partijen, zoals het Nederlandse Tuningsupply.com, dat verantwoordelijk is voor de levering van de kritieke voertuig componenten. Zo kunnen we technologie ontwikkelen die direct inzetbaar is in de 

In augustus 2026 zal het team de zonne-ambulance in de praktijk testen door verschillende veldlocaties van lokale NGO's te bezoeken. Hier zal worden aangetoond hoe Stella Juva patiëntenzorg kan ondersteunen en medische apparatuur veilig kan opladen en gebruiken op plekken die normaal gesproken onbereikbaar zijn voor conventionele hulpdiensten.

Nederlandse gasvoorraden nog flink onder gewenst niveau

Halverwege het jaarlijkse vulseizoen zijn de Nederlandse gasopslagen voor 33,1 procent gevuld. Hoewel de voorraden geleidelijk toenemen, ligt dit niveau nog duidelijk onder de hoeveelheid die volgens Gasunie nodig is om goed voorbereid de winter in te gaan.

Elk jaar worden de gasopslagen tussen april en november aangevuld. Rond deze tijd vorig jaar waren de opslagen al voor ruim 40 procent gevuld. Een belangrijke oorzaak van de huidige achterstand is dat de grote opslaglocaties in Norg en Grijpskerk na de afgelopen winter vrijwel volledig leeg waren. Normaal gesproken blijft na de winter nog een aanzienlijk deel van het gas achter, maar dat was dit keer niet het geval doordat GasTerra de opslagen volgens afspraak leeg opleverde.

Volgens TNO-gasexpert René Peters behoren Nederland en Duitsland momenteel tot de landen die het verst achterlopen met het vullen van de gasreserves. Dat is deels logisch, omdat de opslagen bijna vanaf nul moesten worden aangevuld. Daarnaast kopen commerciële energiebedrijven momenteel weinig gas in, waardoor de voorraden minder snel groeien.

Voldoende gevulde gasopslagen zijn belangrijk om pieken in de vraag tijdens de winter op te vangen. Vooral bij langdurige kou stijgt het gasverbruik sterk. Ook neemt de vraag toe wanneer zonnepanelen weinig stroom leveren en er weinig wind is, waardoor gascentrales vaker moeten worden ingezet voor de elektriciteitsproductie.

Gasunie adviseert om voor de winter ongeveer 115 terawattuur (TWh) gas op te slaan, wat neerkomt op ongeveer 80 procent van de totale opslagcapaciteit. De Europese doelstelling voor Nederland ligt lager, op minimaal 74 procent. Volgens Gasunie verloopt het vullen volgens planning, maar is er nog een flinke inspanning nodig om het gewenste niveau te bereiken.

Commerciële energiebedrijven stellen de aankoop van gas voorlopig uit, omdat zij verwachten dat de prijzen later in het jaar zullen dalen. Daardoor ontstaat het risico dat Nederland tijdens de winter sterker afhankelijk wordt van de actuele marktsituatie. Staatsbedrijf Energie Beheer Nederland (EBN) werkt ondertussen aan een minimale voorraad van 80 TWh, maar doet geen uitspraken over de vraag of dat doel zeker wordt gehaald.

Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat verwacht dat de huidige maatregelen voldoende zijn voor een gemiddelde winter en rekent erop dat commerciële partijen later alsnog extra gas zullen inkopen. In eerdere jaren gebeurde dat eveneens pas later in het seizoen.

Ondanks de relatief lage vulgraad is er volgens deskundigen geen directe reden tot ongerustheid. Nederland beschikt over veel opslagcapaciteit en ontvangt nog steeds voldoende gas. Wel blijft het land kwetsbaar, omdat ook buurlanden zoals Duitsland achterlopen met het aanvullen van hun voorraden en Nederland een belangrijke rol speelt in de gasvoorziening van andere Europese landen.

Gelekt EU-plan zet elektrificatie centraal in strijd voor energiezekerheid

Een gelekte conceptversie van het European Electrification Action Plan laat zien dat Brussel elektrificatie steeds nadrukkelijker positioneert als het antwoord op energiezekerheid, economische weerbaarheid en geopolitieke onafhankelijkheid.  Daarmee kiest Europa niet alleen voor een ander energiesysteem, maar voor een nieuw economisch model. In die economie vormen schone elektriciteit, slimme netten, opslag en flexibiliteit de basis voor groei, industrie en concurrentiekracht.  Het definitieve Electrification Action Plan wordt naar verwachting op 17 juli gepubliceerd.

De Europese Commissie positioneert elektrificatie steeds nadrukkelijker als een instrument voor energiezekerheid. Dat is een belangrijke koerswijziging. Hoewel hernieuwbare energie inmiddels bijna de helft van de Europese elektriciteitsproductie levert, bedraagt het aandeel elektriciteit in het totale finale energieverbruik van de EU nog slechts ongeveer 23%.  

De Commissie heeft eerder aangekondigd dat het Electrification Action Plan een belangrijke rol moet spelen bij het verhogen van dat aandeel. Op de officiële pagina over het actieplan noemt de Commissie elektrificatie expliciet noodzakelijk om de Europese klimaatdoelen te halen, de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen te verminderen en consumenten toegang te geven tot goedkopere schone energie.  

Opvallend is dat het conceptdocument volgens diverse analyses nog geen definitief elektrificatiedoel voor 2040 bevat. Toch lijkt juist dat doel cruciaal te worden. 

Denktank Strategic Perspectives berekende dat het huidige beleid naar verwachting leidt tot ongeveer 39% elektrificatie van het finale energieverbruik in 2040. Met aanvullend beleid zou dat aandeel kunnen oplopen tot ongeveer 51%.  

Het verschil tussen beide scenario's is aanzienlijk. Volgens Strategic Perspectives zou een stijging van 39 naar 51% elektrificatie leiden tot de vervanging van ongeveer 1.300 TWh aan olie, gas en steenkool. De organisatie stelt daarnaast dat een elektrificatiegraad van ongeveer 50% in 2040 de Europese afhankelijkheid van fossiele brandstofimport met ongeveer twee derde kan verminderen.  

De denktank pleit daarom voor een bindend elektrificatiedoel van ten minste 50% in 2040, verankerd in Europese wetgeving.  

donderdag 16 juli 2026

Vattenfall InCharge zet volgende stap naar automatisch laden zonder pasjes of apps

Vattenfall InCharge introduceert een nieuwe manier van elektrisch laden die het gebruik van laadpassen en apps overbodig kan maken. Met de dienst ‘Seamless Charging’ start en stopt een laadsessie automatisch zodra een elektrische auto wordt aangesloten op een laadpunt.

Steeds meer elektrische rijders krijgen te maken met verschillende laadpassen, apps en systemen, afhankelijk van het laadnetwerk of automodel. Dat maakt het laadproces vaak complexer dan nodig is. Seamless Charging is ontwikkeld om die stappen te verminderen en laden zo eenvoudig mogelijk te maken.

In Nederland, Zweden en Duitsland hebben de afgelopen maanden meer dan 700 bestuurders de technologie getest. De dienst automatiseert het volledige proces van laden, identificatie en betaling. Nadat gebruikers hun voertuig één keer aan hun account hebben gekoppeld, verloopt het laden volledig automatisch.

De oplossing maakt gebruik van voertuigdata via bestaande digitale koppelingen, waardoor de auto automatisch wordt herkend door het laadpunt. Daarbij worden beveiligde industriestandaarden toegepast om gegevens veilig te verwerken. De dienst werkt met zowel reguliere laadpunten (AC) als snelladers (DC) en vereist geen speciale hardware in de auto of laadpaal.

Seamless Charging is ontwikkeld als aanvulling op bestaande oplossingen zoals Plug & Charge. Die technologie werkt alleen op specifiek uitgeruste auto’s en laadpunten. Deze oplossing brengt automatisch laden ook naar veel elektrische auto’s die al rondrijden. Daarmee wordt het voor een grotere groep bestuurders makkelijker om zonder app of laadpas te laden.

Tijdens de pilot wordt de dienst getest met verschillende automerken en modellen in Nederland, Zweden en Duitsland. Het gaat onder meer om elektrische voertuigen en plug-in hybrides van Volvo en merken uit de Volkswagen Groep, zoals Volkswagen, Audi, Skoda en Cupra. Ook Tesla-voertuigen worden ondersteund. De verdere uitrol is mede afhankelijk van samenwerking met autofabrikanten, omdat toegang tot voertuigdata nodig is om de dienst breed beschikbaar te maken.

Stap dichter bij waterstofaftakking in Oosterhout

De gemeente Oosterhout, de provincie Noord-Brabant, bedrijventerreinvereniging Weststad en Sibelco uit Geertruidenberg starten gezamenlijk een onderzoek naar de mogelijkheden voor een aansluiting op toekomstige waterstofinfrastructuur. Het onderzoek wordt uitgevoerd door Hynetwork, onderdeel van Gasunie.

Het onderzoek van Gasunie zorgt voor een zorgvuldige voorbereiding van een mogelijke aansluiting op het landelijke waterstofnetwerk. Met de waterstofaansluiting kunnen bedrijven rond Oosterhout hier in de toekomst gebruik van maken.

Niet alleen in Oosterhout wordt onderzoek gedaan naar de mogelijkheid van een waterstofaftakking. Ook in Land van Cuijk, Meierijstad, Bergen op Zoom/Woensdrecht, Tilburg/Dongen, Oss en Eindhoven/Helmond zijn of worden deze onderzoeken uitgevoerd. Brabant loopt hiermee voorop in het mogelijk maken van waterstofaftakkingen. Vier van de vijf ondertekende VSA’s (Valve Study Agreement) in Nederland liggen namelijk in Brabant.

“In Brabant bouwen we stap voor stap aan een toekomstbestendig energiesysteem, waarin waterstof een aanvulling vormt op elektriciteit. Waterstof is vooral van grote waarde voor toepassingen waar directe elektrificatie lastig is, zoals in delen van de industrie en het zware transport. Met dit onderzoek in Oosterhout bereiden we ons voor op die toekomst. Door nu de mogelijkheden voor een aansluiting op het landelijke waterstofnetwerk te verkennen, creëren we de randvoorwaarden voor een betrouwbare, betaalbare en duurzame energievoorziening voor Brabantse bedrijven. Zo versterken we niet alleen onze economische positie, maar ook de voortgang van de energietransitie.” Bas Maes – gedeputeerde Energie & Klimaat

Hynetwork, een dochterbedrijf van Gasunie, bouwt aan het Nederlandse waterstofnetwerk. Via een Valve Study Agreement maken overheden afspraken over het onderzoeken en voorbereiden van een mogelijk aansluitpunt op dat netwerk. In de overeenkomst staat wie welke stappen zet en wie verantwoordelijk is voor de kosten van deze studie.

Waterstof speelt een sleutelrol in het verduurzamen van industrie en mobiliteit. In de industrie als vervanger van aardgas bij de processen die veel warmte op hoge temperatuur nodig hebben. In de mobiliteit als emissieloze brandstof voor zwaar transport over weg, water en door de lucht. Waterstof als vervanger van elektriciteit kan bovendien een oplossing zijn voor netcongestie.

Om waterstof beschikbaar te maken zijn aftakkingen van het landelijke waterstofnetwerk nodig. Met de ondertekening van VSA’s in Brabant zetten de partners belangrijke stappen richting het aanleggen van de benodigde infrastructuur. Zo krijgt Brabant niet alleen een waterstofleiding door de provincie, maar ook de mogelijkheid om er actief op aan te haken.
 

woensdag 15 juli 2026

Thuisbatterij telt mee voor energielabel, maar effect blijkt in praktijk nihil

Sinds 29 mei tellen thuisbatterijen voor het eerst mee bij het bepalen van het energielabel van woningen. Maar wie een accu aanschaft in de hoop op een beter label, hoeft daar in de praktijk niet veel van te verwachten. Dat blijkt uit een simulatie door WattWijzer Energieadvies.

Het energieadviesbureau voerde een ‘modelwoning’ in in de officiële energielabelsoftware en vergeleek de uitkomsten met en zonder thuisbatterij. Uit de simulatie blijkt dat de toevoeging van een thuisbatterij nauwelijks iets verandert. Opvallend is ook dat de capaciteit van de accu geen enkel verschil maakt. Of er een kleine thuisaccu (5 kWh is het vereiste minimum) of een grote variant van 20 kWh of meer wordt ingevoerd, de uitkomst van de berekening blijft exact gelijk.

Uit onderzoek van Multiscope, in opdracht van installatiebedrijf Hoppenbrouwers, bleek onlangs dat 26 procent van de ondervraagde Nederlanders meer geneigd is een thuisaccu aan te schaffen als deze meetelt voor het energielabel. Volgens Frank Breukelman, energieadviseur en eigenaar van WattWijzer Energieadvies, komen zij van een koude kermis thuis. “De praktijk laat zien dat het letterlijk niets uitmaakt. Dan kun je je afvragen hoeveel meerwaarde deze toevoeging aan het energielabel op dit moment heeft.”

Volgens Breukelman betekent dit overigens niet dat een thuisbatterij geen nut kan hebben. “Een accu kan voor sommige huishoudens interessant zijn, bijvoorbeeld om meer eigen zonnestroom te gebruiken of om slimmer in te spelen op dynamische tarieven”, zegt hij. “Maar voor een beter energielabel hoef je hem dus niet aan te schaffen.”

WattWijzer Energieadvies pleit daarom voor realistische communicatie richting woningeigenaren. Een thuisbatterij kan het aandeel zelfverbruik van zonnestroom flink verhogen: waar huishoudens zonder batterij vaak zo’n 25 tot 35 procent van hun eigen zonnestroom direct gebruiken, kan dat met een thuisbatterij oplopen tot ongeveer 60 à 70 procent. Daarmee kan een accu in de praktijk dus zeker waarde hebben.

Ruim 93% van de 65-plussers kiest voor de zekerheid van een vast stroomcontract

Nederlandse 65-plussers kiezen van alle generaties het vaakst voor de zekerheid van een vast stroomcontract. In 2025 koos 93,24% van deze groep voor een vast contract; in de eerste helft van 2026 loopt dat aandeel op naar 95,84%. Dat blijkt uit een analyse door vergelijkingssite Overstappen.nl van de contracten die in 2025 en in de eerste helft van 2026 werden afgesloten. Slechts een kleine minderheid van de 65-plussers waagt zich aan een dynamisch of variabel contract.

Onder 65-plussers steeg het aandeel vaste contracten begin 2026 met 2,6% ten opzichte van 2025. Daarmee kiest deze generatie nog vaker voor zekerheid dan een jaar eerder. Het aandeel 65-plussers dat koos voor variabele contracten daalde van 3,30% naar 2,85%; voor dynamische contracten was er een daling van 3,46% naar 1,32%.

Slechts iets meer dan 1 op de 100 65-plussers sluit in 2026 een dynamisch stroomcontract af. Dat is niet zonder reden: bij een dynamisch contract verandert de stroomprijs elk kwartier, wat 96 verschillende tarieven per dag betekent. Op 18 juni 2026 piekte de dynamische stroomprijs bijvoorbeeld rond 21.00 uur op € 0,83 per kWh, terwijl het goedkoopste kwartier van diezelfde dag op € 0,15 uitkwam. Wie op zulke momenten niet actief het verbruik kan verplaatsen, betaalt tijdens de pieken de hoofdprijs voor stroom.

Ook de andere generaties kiezen in de meeste gevallen voor een vast contract, maar zij zijn hier minder uitgesproken in dan 65-plussers. Generatie X (geboren tussen 1965 en 1980) koos in 2026 in 94,47% van de gevallen voor een vast contract, millennials (geboren tussen 1981 en 1996) in 90,37% en Generatie Z (geboren vanaf 1997) in 92,98%. Millennials wijken daarmee het sterkst af van het patroon dat bij 65-plussers te zien is: zij sluiten in 3,25% van de gevallen een dynamisch contract af. Dat is ruim twee keer zo vaak als 65-plussers.

De keuze voor een vast contract biedt consumenten bovendien zekerheid in een onzekere tijd. De gasprijs stond in de eerste helft van 2026 herhaaldelijk onder druk door geopolitieke ontwikkelingen, wat ook de stroomprijs beïnvloedde. Een vast contract beschermt tegen dat soort schommelingen; het maandbedrag blijft gedurende de looptijd van het contract gelijk.

maandag 13 juli 2026

BOM en GOase bundelen krachten: binnenstedelijk snelladen zonder netcongestie-problemen

De Brabantse Ontwikkelings Maatschappij (BOM) en GOase Suncharging gaan samenwerken om de ontwikkeling en toepassing van slimme energieoplossingen in Noord-Brabant te versnellen. Door kennis, netwerk en innovatieve technologie te verbinden, willen beide partijen bijdragen aan een toekomstbestendig energiesysteem waarin lokale opwek, opslag, flexibiliteit en slimme aansturing een belangrijke rol spelen.
 
De druk op het elektriciteitsnet neemt toe. Netcongestie vormt voor steeds meer bedrijven, gemeenten en gebiedsontwikkelingen een belemmering voor groei en verduurzaming. Volgens BOM en GOase ligt een belangrijk deel van de oplossing in het slimmer benutten van de beschikbare netcapaciteit: niet alleen uitbreiden van infrastructuur, maar ook het creëren van flexibiliteit in het energiesysteem.
 
GOase Suncharging ontwikkelt oplossingen waarbij energieopwekking, opslag, laadinfrastructuur en AI-datagedreven aanpak samenkomen. Daarmee kunnen locaties zich ontwikkelen tot slimme energiehubs die bijdragen aan een efficiënter gebruik van het elektriciteitsnet.
 
“De energietransitie vraagt om nieuwe manieren van denken over energie-infrastructuur. Door slimme technologie te combineren met lokale samenwerking ontstaat ruimte om projecten mogelijk te maken die anders vastlopen door beperkte netcapaciteit,” aldus Winie van Oorschot, directeur bij GOase Suncharging.
 
De samenwerking met BOM sluit aan bij de ambitie om innovatieve oplossingen sneller naar de praktijk te brengen. BOM ondersteunt bedrijven en initiatieven die bijdragen aan de economische en maatschappelijke ontwikkeling van Noord-Brabant en verbindt partijen binnen het Brabantse innovatie-ecosysteem.
 
“De oplossingen voor netcongestie liggen niet alleen in uitbreiding van het net, maar ook in hoe we energie lokaal slimmer organiseren. Door samen te werken met innovatieve partijen zoals GOase kunnen we kennis delen, projecten versnellen en nieuwe toepassingen zichtbaar maken,” aldus Ronald Vliegen, Senior Investment Manager and Teamlead bij BOM.

Tibber en Joulo maken thuisladen met een EV dankzij ERE zo goed als gratis

Digitale energieleverancier Tibber neemt voortaan de registratie van ERE-certificaten (emissiereductie-eenheden) over voor zijn klanten in Nederland. Via erkend partner Joulo wordt het registratie- en administratieproces volledig geautomatiseerd. Dankzij de ERE-koppeling wordt het thuisladen van een EV beloond – Tibber en Joulo willen er samen voor zorgen dat de consument optimaal profiteert van deze dienst en de laagste prijs per kilowattuur in de markt betaalt. 

Volgens de Tibber-data zouden klanten die slim laden, als de ERE-bonus van 15 cent/kWh was toegepast, van maart tot en met juni 2026 een mediane effectieve stroomprijs van ongeveer 2 cent per kWh hebben betaald. Afhankelijk van het rijgedrag komen de verdiensten neer op ongeveer 250 tot 500 euro per jaar, wat per kwartaal wordt uitbetaald. Hiervoor is een laadpaal met ingebouwde MID-meter vereist. Tibber-klanten kunnen in deze Tibber-blogpost lezen hoe de registratie werkt. Klanten vinden het aanbod op deze landingspagina.

De aankondiging komt op een gespannen moment voor de energiemarkt. Nu de Straat van Hormuz weer is geopend en er opnieuw meer benzine en diesel naar Europa stroomt, brengen brandstofleveranciers meer fossiele brandstof op de markt. Daarmee neemt ook hun wettelijke CO₂-reductieverplichting toe, die meegroeit met dat volume. Omdat leveranciers (een deel van) die verplichting nakomen door ERE-eenheden in te kopen, neemt de vraag naar ERE, en daarmee de waarde ervan, toe. De huidige waarde die via Joulo aan de klant wordt uitgekeerd, bedraagt 15 cent per kWh. De opbrengsten komen terecht bij de mensen die CO₂ vermijden door thuis elektrisch te laden. Tegelijkertijd laat verlichting aan de pomp op zich wachten: volgens eerdere berichtgeving duurt het naar verwachting nog maanden voordat de toeleveringsketens weer zijn genormaliseerd, en Nederland kiest er bewust voor om geen overheidskorting op brandstof toe te passen.

Bij Tibber is ERE geen op zichzelf staand product, maar een versterking van een totaalpropositie die alle slimme hefbomen om EV-rijders slimmer en verantwoorder te laten laden samenbrengt in één app. Met slim laden, laadt de auto automatisch in de goedkoopste uren (ruim 400 euro besparing per jaar), via Grid Rewards verdienen klanten gemiddeld 106 euro per jaar met netondersteunend laden – en daarbovenop komt de ERE-uitkering van 250 tot 500 euro per jaar. Samen maakt dat 750–1000 euro aan besparingen ten opzichte van een vast tarief. Dankzij de zeer effectieve samenwerking tussen Tibber en Joulo, waarbij Joulo de registratie automatiseert en 90 procent van de opbrengsten bij de klant blijft, zorgen de partijen ervoor dat de klant de maximale uitbetaling ontvangt en komt vrijwel die hele waarde terecht bij de bestuurder.

Toegepast op de kilowattuur verlaagt de toevoeging van de ERE-bonus de effectieve prijs voor slim laden met bijna 90 procent ten opzichte van slim laden zonder bonus, en met 92 procent ten opzichte van een vast tarief. In de periode maart tot en met juni 2026 betaalden EV-huishoudens die slim laadden een mediane effectieve prijs van ongeveer 17 cent per kWh. Met de ERE-bonus erbij zou dat zijn gedaald naar circa 2 cent per kWh (mediaan), en voor het kwart huishoudens met de laagste kosten zelfs naar een negatief bedrag.

ERE is de Nederlandse invulling van de EU-richtlijn RED III: brandstofleveranciers moeten CO₂-reductie aantonen en kopen daarvoor certificaten – de uitbetaling wordt dus door de markt gefinancierd, niet door de staat. De actuele ERE-bonus bedraagt 15 cent/kWh, waardoor de kwartaaluitbetaling afhangt van het aantal gereden kilometers. Het systeem wordt beheerd door de Nederlandse Emissieautoriteit (NEa) en is wettelijk geborgd tot en met 2030. Een veelgehoorde kritiek is dat veel particuliere rijders niet kunnen deelnemen bij gebrek aan een MID-meter; Tibber communiceert deze voorwaarde open en maakt deelname voor in aanmerking komende huishoudens zo eenvoudig mogelijk.

Huishoudens helpen via thuisbatterijen officieel mee aan de balans van het stroomnet

Thuisbatterijen kunnen bij huishoudens worden ingezet voor aFRR, het automatische regelvermogen waarmee TenneT het elektriciteitsnet in balans houdt. TenneT heeft Balans Energie als eerste partij gekwalificeerd om een groot aantal thuisbatterijen achter kleinverbruikaansluitingen gezamenlijk aan te sturen. Door deze te bundelen, kunnen zij samen bijdragen aan het in balans houden van het elektriciteitsnet. Balans Energie is daarmee de eerste partij die met uitsluitend thuisbatterijen voldoet aan de minimale instapgrens van 1 MW voor deelname aan het product aFRR.

De batterijen staan bij mensen thuis en worden samengevoegd tot één stuurbare gebundelde batterij. Wanneer TenneT regelvermogen vraagt, kan deze gebundelde batterij, tegen een vergoeding, automatisch laden of ontladen. Zo kunnen huishoudens via hun thuisbatterij direct bijdragen aan het herstellen van te veel of te weinig stroom op het landelijke elektriciteitsnet.

Waar regelvermogen traditioneel vooral wordt geleverd door grote industriële installaties, kunnen ook huishoudens gezamenlijk bijdragen. Door het systeem van Balans Energie worden hun batterijen, zonnepanelen en stroomverbruik gebundeld en aangestuurd alsof ze samen één grote batterij zijn.

Het systeem kijkt niet alleen naar de batterij, maar ook naar het verbruik en de opwek van het huishouden.Standaard wordt de woning gevoed vanuit de thuisbatterij, maar het systeem kan besluiten om tijdelijk stroom uit het net te gebruiken, of beschikbare zonnestroom direct aan het net te leveren in plaats van op te slaan. Het systeem kan daar bovenop extra laad- of ontlaadvermogen toevoegen. Zo helpt niet alleen de thuisbatterij zelf mee, maar het hele huishouden achter de aansluiting om zo de balans op het elektriciteitsnet te helpen herstellen.

Tijdens het kwalificatieproces heeft Balans Energie aangetoond dat de gebundelde batterij voldoet aan de eisen die TenneT stelt aan aFRR. Het systeem moet het gevraagde vermogen nauwkeurig kunnen leveren en binnen 30 seconden kunnen reageren op een activatie van TenneT.

Een belangrijk voordeel is dat dit regelvermogen wordt opgebouwd via bestaande aansluitingen bij huishoudens. Daardoor kan deze bron van regelvermogen op korte termijn worden opgeschaald zonder verzwaringen of andere aanpassingen aan het net.

De gebundelde batterij bestaat bij de start uit 6 MW regelbaar vermogen en 25 MWh opslagcapaciteit via thuisbatterijen van klanten van Balans Energie. De uitbreiding naar 10 MW vermogen en 45 MWh opslagcapaciteit staat voor de komende twee maanden gepland, gevolgd door een veelvoud aan het einde van het jaar.

Netbeheerders blijven werken aan maatregelen die slimmer netgebruik mogelijk maken

De energietransitie vraagt om slimme oplossingen. Door schaarste op het elektriciteitsnet is het cruciaal om de beschikbare ruimte zo goed mogelijk te benutten. Netbeheerders werken hier al langere tijd aan samen met klanten en partners. De invoering en toepassing zijn complexer dan vooraf ingeschat, waardoor de gewenste snelheid nog niet overal bereikt is. De Autoriteit Consument & Markt (ACM) heeft daarom bindende afspraken met de netbeheerders gemaakt om de inzet van maatregelen voor slimmer netgebruik te versnellen en te vergroten.

In november 2025 heeft toezichthouder ACM aangegeven dat de netbeheerders meer prioriteit moeten geven aan maatregelen die slimmer netgebruik mogelijk maken. De afgelopen periode hebben de netbeheerders intensief gewerkt aan verbeterplannen die inspelen op de specifieke situatie en uitdagingen in hun regio.

De energietransitie versnelt en stelt nieuwe eisen aan het elektriciteitssysteem
Nederland wil verduurzamen, elektrificeren én uitbreiden – en dat allemaal tegelijk. Daarmee wordt het net fundamenteel anders en intensiever gebruikt dan in het verleden, toen het vooral was ingericht op voorspelbare, centrale opwek en continue levering. Dat is goed nieuws voor de verduurzaming, maar het zorgt er ook voor dat het elektriciteitsnet in grote delen van het land (bijna) vol zit. Inmiddels wachten ruim 15.000 afnameverzoeken en bijna 8.700 invoedingsaanvragen op een aansluiting of een verzwaring. Voor bedrijven, industrie en huishoudens is het van groot belang dat elektriciteitsnetten betrouwbaar, betaalbaar en toegankelijk blijven.

Netbeheerders werken daarom dagelijks aan het vergroten van de capaciteit, door het net uit te breiden én door de bestaande infrastructuur slimmer te benutten. De afgelopen jaren is hiervoor een breed pakket aan maatregelen ontwikkeld, zoals congestiemanagement en alternatieve transportrechten. Deze maatregelen maken efficiënter netgebruik mogelijk, zodat meer bedrijven en huishoudens flexibel kunnen worden aangesloten en netveiligheid geborgd blijft.

In de praktijk blijkt de invoering en toepassing hiervan complexer dan voorzien. De maatregelen vragen om ingrijpende aanpassingen in systemen, data en werkwijzen. Deze omslag kost tijd en personele capaciteit, terwijl die schaars zijn door de krappe arbeidsmarkt. Tegelijkertijd laat de energietransitie zich lastig voorspellen, waardoor voortdurend bijsturing nodig is. Daarom worden oplossingen stapsgewijs ontwikkeld, getest en opgeschaald, waarbij veiligheid voorop staat. Deze werkwijze levert steeds beter inzicht op in hoe klanten en marktpartijen het net gebruiken en welke oplossingen het beste aansluiten op de praktijk.

De verbeterplannen maken duidelijk welke stappen worden gezet, welke keuzes worden gemaakt en op welke termijn maatregelen worden ingevoerd. Daarbij ligt de nadruk op beter netinzicht, een effectievere inzet van congestiemanagement, het verder invoeren van alternatieve transportrechten en het treffen van voorbereidingen op nieuwe oplossingen zoals groepstransportovereenkomsten en tijdsafhankelijke nettarieven. 

Tegelijkertijd zijn er ook nu al mogelijkheden om het net beter te benutten. Netbeheerders zetten deze maatregelen actief in en blijven deze doorontwikkelen. Zo is samen met marktpartijen een nieuwe versie van het capaciteitssturingscontract ontwikkeld die beter aansluit bij de behoeften van klanten, en wordt gewerkt aan mogelijkheden om partijen op de wachtlijst sneller aan te sluiten met flexibele oplossingen.

'Prijsprikkels maken slim energiegebruik noodzakelijk en houden verduurzaming mogelijk'

De Vereniging voor Duurzame Warmte (VDW) ziet in het voorstel voor tijdsafhankelijke nettarieven een duidelijke bevestiging dat de warmtetransitie slimmer, flexibeler en beter afgestemd op het elektriciteitsnet moet worden ingericht. Door elektriciteitsgebruik op drukke momenten zwaarder te belasten en gebruik op rustigere momenten aantrekkelijker te maken, ontstaat een prikkel om bewuster om te gaan met het beschikbare netvermogen.

Dit kan bijdragen aan een betere spreiding van elektriciteitsverbruik, minder piekbelasting en een efficiënter gebruik van het bestaande elektriciteitsnet. Juist in een periode waarin netcongestie de verduurzaming van woningen, wijken en bedrijven onder druk zet, is flexibiliteit essentieel.

“De discussie over variabele nettarieven laat zien dat verduurzaming niet alleen gaat over méér elektrificatie, maar vooral over slimmere elektrificatie,” zegt Peter Cool, voorzitter van de Vereniging voor Duurzame Warmte. “Prijsprikkels kunnen helpen om het net beter te benutten, mits consumenten ook toegang krijgen tot oplossingen waarmee zij daadwerkelijk kunnen sturen op hun energiegebruik.”

VDW benadrukt dat tijdsafhankelijke nettarieven vragen om een bredere blik op het energiesysteem in de woning. Niet iedere vorm van energiegebruik is eenvoudig te verschuiven. Verwarming, warm tapwater en koken zijn sterk afhankelijk van comfort, gedrag en buitentemperatuur. Daarom zijn slimme technieken nodig die bewoners ondersteunen zonder dat comfort of betaalbaarheid onder druk komt te staan.

Toepassingen zoals thuisbatterijen, warmwateropslag, slimme regeltechniek en hybride warmtepompen kunnen hierin een belangrijke rol spelen. De hybride warmtepomp heeft daarbij een specifiek voordeel: het systeem kan schakelen tussen het gebruik van elektriciteit en gas en kan op momenten van hoge netbelasting kan overschakelen op gas. Daarmee kan de elektrische piekvraag worden beperkt, terwijl woningen toch fors kunnen verduurzamen.

“De hybride warmtepomp past juist bij een energiesysteem waarin flexibiliteit steeds belangrijker wordt,” aldus Peter Cool. “Op rustige momenten kan de woning efficiënt elektrisch worden verwarmd. Op momenten dat het elektriciteitsnet zwaar belast is, kan het systeem tijdelijk overschakelen. Zo blijft verduurzaming mogelijk zonder het net onnodig extra te belasten.”

vrijdag 10 juli 2026

Bospolder-Tussendijken viert feest: eerste deel Rotterdamse wijk aardgasvrij

De gemeente Rotterdam, woningcorporatie Havensteder en energiebedrijf Eneco hebben samen met bewoners en ondernemers een belangrijke mijlpaal bereikt in de wijk Bospolder-Tussendijken (BoTu): een eerste deel van de wijk is grotendeels aardgasvrij gemaakt. Daarmee is BoTu het eerste gebied in Rotterdam waar deze transitie in een bestaande wijk op deze schaal is afgerond. 

Deze mijlpaal werd op 23 juni samen met bewoners, ondernemers en partners gevierd op het Visserijplein.

De afgelopen jaren is intensief gewerkt aan de overstap van aardgas naar duurzame warmte. In Bospolder-Tussendijken is een warmtenet de meest geschikte en haalbare oplossing als alternatief voor aardgas. En we brachten tegelijkertijd een gescheiden rioolstelsel aan, zo werkten we samen om de wijk toekomstbestendiger te maken.  

De uitvoering startte in maart 2021. Straat voor straat en huis voor huis zijn er bijna 1300 woningen, vier scholen en wijkcentrum Pier 80 aangesloten op duurzame warmte. Daarmee is het eerste deel van de wijk volgens planning in 2026 afgerond.   

De afronding van dit eerste deel is meer dan een technisch resultaat; het laat zien hoe een wijk deze verandering samen mogelijk maakt. De energietransitie raakt mensen achter de voordeur, waar persoonlijke situaties en vragen een grote rol spelen. Er was veel aandacht voor de bewoners. Samen met De Verbindingskamer en de Taalmilieucoaches werden daar waar mogelijk zorgen weggenomen, vragen beantwoord en mensen met elkaar in verbinding gebracht. 

In de wijk zijn daarnaast talrijke bewonersinitiatieven ontstaan rond energie en duurzaamheid. Bewoners hebben zelf warmtepanelen gemaakt om hun voeten te verwarmen, en is er twee keer per jaar een kinderexpeditie gehouden in de buurthuiskamer rond energie en circulariteit. Ook zijn er creatieve acties ontstaan, zoals het versieren van bouwhekken met plastic zwerftasjes van de markt om aandacht te vragen voor vervuiling en een theatervoorstelling door bewoners om het gesprek over de energietransitie op gang te brengen. 

De aanpak in Bospolder Tussendijken levert waardevolle inzichten op voor andere wijken in Rotterdam en daarbuiten. Er is veel geleerd over uitvoering in de ondergrond, werkzaamheden in woningen en de samenwerking met bewoners, verenigingen van eigenaren. En is vooral ook heel veel sociale energie ontstaan! Deze ervaringen zijn gedeeld met professionals uit het hele land, onder andere tijdens de BoTu Kennisdag op 25 juni.

De afronding van dit eerste deel markeert een belangrijke stap richting een verdere aardgasvrij Rotterdam in 2050. 

Rotterdam werkt op dit moment aan het Warmteprogramma 2027. Hierin komt per wijk te staan welk alternatief voor verwarmen met gas de voorkeur heeft. Daarnaast staat in het warmteprogramma waar we in de komende jaren aan de slag gaan. Samen met onder meer energiebedrijven, woningcorporaties, bewoners en ondernemers maken we vervolgens plannen voor de uitvoering. Het nieuwe warmteprogramma voor de komende jaren wordt in 2027 vastgesteld.

De bijeenkomst op het Visserijplein stond in het teken van dank. Aan bewoners, ondernemers en alle partners die dit mogelijk hebben gemaakt.  Met deze mijlpaal laten gemeente Rotterdam, Havensteder en Eneco zien dat de energietransitie in bestaande wijken mogelijk is wanneer we het samen doen. 

Tweede Kamer wil oplossing voor dubbele energiebelasting bij thuisbatterijen

De Tweede Kamer heeft een motie van Henk-Jan Oosterhuis (D66) aangenomen die het kabinet oproept te verkennen hoe dubbele energiebelasting bij elektriciteitsopslag achter een kleinverbruikersaansluiting kan worden voorkomen. Energy Storage NL ziet dit als een belangrijke stap om investeringen in energieopslag en flexibiliteit beter mogelijk te maken.

Op dit moment kan bij opslag van elektriciteit achter de meter, bijvoorbeeld met een thuisbatterij of een elektrische auto die bidirectioneel kan laden, sprake zijn van dubbele energiebelasting. Dat verslechtert de businesscase voor lokale energieopslag, terwijl juist deze oplossingen nodig zijn om duurzame elektriciteit efficiënter te benutten, netcongestie te beperken en het energiesysteem betrouwbaarder en betaalbaarder te maken.

Het wegnemen van fiscale belemmeringen maakt het aantrekkelijker voor consumenten en ondernemers om opslag flexibel in te zetten. Daarmee ontstaat meer ruimte om vraag en aanbod lokaal in balans te brengen en pieken op het elektriciteitsnet te verminderen. Duidelijke randvoorwaarden zijn daarom essentieel om investeringen in energieopslag te versnellen.

Energy Storage NL blijft dit onderwerp onder de aandacht brengen bij beleidsmakers en pleit voor een oplossing die dubbele belasting voorkomt. Zo zijn op dit moment in gesprek met het ministerie van Financiën en het ministerie van Economische Zaken en Klimaat over een oplossing. Hierbij zullen wij onder meer een werksessie organiseren tussen experts uit de markt en ambtenaren om samen een technisch of juridisch haalbare oplossing te vinden. Het kabinet moet de Kamer vóór het einde van het jaar informeren over de mogelijke uitwerking van de motie.

donderdag 9 juli 2026

Fluvius boort tot 35 meter diep onder Houthalen voor Limburgse Noord-Zuidverbinding


In het centrum van Houthalen heeft Fluvius een gestuurde boring uitgevoerd van 372 meter lang en tot 35 meter diep. De werken maken deel uit van de voorbereidingen voor de Limburgse Noord-Zuidverbinding. Zo blijft het elektriciteitsnet betrouwbaar voor, tijdens en na de werken voor de Noord-Zuidverbinding, én is het meteen ook klaar voor de energietransitie.

Voor er nieuwe wegen, tunnels en bruggen komen in Houthalen-Helchteren en Noord-Limburg, moeten bestaande kabels en leidingen verplaatst worden. Vandaag kruisen die vaak het toekomstige traject. Zodra de tunnels er komen, kan dat niet meer. Waar mogelijk splitst Fluvius het net op in twee afzonderlijke, volwaardige netten, aan weerszijden van de toekomstige tunnels. Dat doet de netbeheerder door middel van extra elektriciteitscabines en netversterkingen. ​ Toch is een ondergrondse kruising soms onvermijdelijk. In het centrum van Houthalen, waar in de toekomst een tunnel komt, was een verplaatsing langs de zijkant geen optie. Vier belangrijke middenspanningskabels kruisen er precies de plek waar de toekomstige tunnel komt.

"Een omleiding rond de bijna drie kilometer lange tunnel was geen optie: dat zou leiden tot meer spanningsverlies en extra sleuf- en kabellengte. Met deze gestuurde boring houden we het traject van de kabels zo kort mogelijk en het net betrouwbaar”, zegt Robby Gaethofs, projectbeheerder bij Fluvius."

Via een gestuurde boring worden kabels diep onder de grond aangelegd zonder het volledige oppervlak open te breken. Een gespecialiseerde machine boort een doorgang die stap voor stap wordt verbreed. Vervolgens worden wachtbuizen geplaatst, waarin later elektriciteitskabels, glasvezel en andere nutsleidingen worden getrokken. In Houthalen gebeurde dat over 372 meter en tot 35 meter diep, afgestemd op de diepte van de toekomstige tunnel.

Zuiderbad gaat grotendeels van het gas af

Het Zuiderbad wordt grotendeels aardgasvrij. De gemeente Amsterdam installeert drie warmtepompen. Samen met de 263 zonnepanelen op het dak gaan die ervoor zorgen dat het aardgasgebruik met 90 procent daalt.

Het Zuiderbad is het oudste binnenzwembad van Nederland waar nog steeds elke dag wordt gezwommen. Het zwembadwater werd altijd op traditionele wijze verwarmd, met gas. Daar komt nu voor een groot deel een einde aan.

Met de nieuwe warmtepompen is het Zuiderbad straks het eerste binnenbad in Amsterdam dat bijna helemaal elektrisch wordt verwarmd. De stroom komt voor een groot deel van de 263 zonnepanelen die eerder al op het dak zijn geplaatst. De drie warmtepompen - samen zo groot als drie kleine auto’s - verwarmen het zwembadwater, de radiatoren en de douches. Hierdoor daalt het gasverbruik met 90 procent. Omdat het gebouw meer dan 100 jaar oud is, blijft het voorlopig nog wel nodig om in de winter de kantoorruimtes met gas te verwarmen.

Het Zuiderbad is een rijksmonument. Daarvoor gelden strenge regels. Deze stap laat zien dat verduurzaming ook in historische gebouwen mogelijk is. De gemeente wil in 2030 in alle gemeentelijke panden samen 55 procent minder CO2 uitstoten dan in 1990. Ook willen we dat alle gemeentelijke panden energielabel A hebben. De komende jaren worden ongeveer 300 gemeentelijke panden verduurzaamd.