Het Nationaal Warmtefonds kijkt terug op een uitzonderlijk jaar. In 2024 verstrekte het fonds een recordbedrag van 426 miljoen euro aan leningen, waarmee bijna 30.000 huishoudens stappen hebben gezet naar een energiezuinige en comfortabele woning. Dit bedrag ligt ruim 150 miljoen euro hoger dan in 2023 en laat een sterke groei zien, vooral bij huishoudens met een lager en middeninkomen en bij Verenigingen van Eigenaren (VvE’s).
In 2024 groeide het aantal renteloze leningen aan huishoudens met een verzamelinkomen tot 60.000 euro. In 2024 verstrekte Nationaal Warmtefonds 58 procent van de leningen aan particulieren huiseigenaren tegen 0% rente. In 2023 lag dit percentage nog op 54 procent. Daarnaast hebben 121 woningeigenaren met een negatieve BKR-registratie een lening afgesloten bij Nationaal Warmtefonds, een verdubbeling van het voorgaande jaar. Ook het aantal leningen aan 75+-ers nam toe van 724 in 2023 naar 826 in 2024. Door de steun van Nationaal Warmtefonds krijgen steeds meer mensen, die via reguliere mogelijkheden niet in aanmerking komen voor een lening, de kans om energiebesparende maatregelen te nemen in hun huis. Landelijke en regionale rentekortingsregelingen hebben in 2024 een extra stimulans gegeven om te verduurzamen.
Niet alleen particuliere huiseigenaren, maar ook VvE’s maakten in 2024 vaker gebruik van de financieringsmogelijkheden van Nationaal Warmtefonds. In totaal verstrekte het fonds leningen aan 235 VvE’s voor een totaalbedrag van €172 miljoen. Dit is een verdubbeling ten opzichte van 2023, zowel in aantallen als in euro’s. Van deze VvE’s waren er 175 ‘grote VvE’s’ met meer dan zeven wooneenheden en 60 ‘kleine VvE’s’ met twee tot zeven wooneenheden. In totaal werden ruim 8.000 huishoudens binnen VvE’s geholpen, met een gemiddeld leenbedrag van €21.000 per appartement.
Vooruitkijkend naar 2025 ontwikkelt Nationaal Warmtefonds nieuwe financieringsmogelijkheden om verduurzaming voor iedereen nog toegankelijker te maken. Zo werkt het fonds aan een draagkrachtregeling om VvE-leden met minder financiële ruimte tegemoet te komen. De verwachting is dat deze regeling in 2025 beschikbaar komt. Daarnaast onderzoekt Nationaal Warmtefonds mogelijkheden om financiering voor groot onderhoud in combinatie met energiebesparende maatregelen aan te bieden aan VvE’s. Zo kunnen VvE’s onderhoudswerkzaamheden die noodzakelijk zijn voor verduurzaming tegelijk met verduurzamingsmaatregelen financieren. Verder loopt in Groningen en in Twente een ‘one-stop-shop’-pilot voor particuliere huiseigenaren, waarin naast financiering ook advies en begeleiding bij de uitvoering van verduurzamingsmaatregelen wordt geboden.
Pagina's
▼
donderdag 1 mei 2025
Steeds meer woningen hebben energielabel A
Inmiddels hebben bijna 1,8 miljoen Nederlandse woningen energielabel A of hoger. Dit komt neer op zo’n 21,5% van het totale woningaanbod. Vijf jaar geleden was dat nog ‘maar’ 10,9%. Dit blijkt uit onderzoek van Independer op basis van de energielabelregistratie van de RVO. Almere is koploper, de gemeenten Westerwolde, Simpelveld en Beekdaelen sluiten de rij.
Koploper is Almere, hier heeft zelfs 41,9% van de woningen het duurzaamste energielabel. Ook het Zuid-Hollandse Lansingerland scoort goed qua duurzaamheid. De top 10 gemeenten met de meeste energiezuinige huizen in Nederland:
Almere (Flevoland): 41,9% van de woningen heeft energielabel A
Lansingerland (Zuid-Holland): 38,6% van de woningen heeft energielabel A
Zeewolde (Flevoland): 36,9% van de woningen heeft energielabel A
Diemen (Noord-Holland): 35,1% van de woningen heeft energielabel A
Vlieland (Friesland): 35% van de woningen heeft energielabel A
Purmerend (Noord-Holland): 34,8% van de woningen heeft energielabel A
Pijnacker-Nootdorp (Zuid-Holland): 34,2% van de woningen heeft energielabel A
Hendrik-Ido-Ambacht (Zuid-Holland): 33% van de woningen heeft energielabel A
Dijk en Waard (Noord-Holland): 32,9% van de woningen heeft energielabel A
Harlingen (Friesland): 32,3% van de woningen heeft energielabel A
In Westerwolde, Simpelveld en Beekdaelen staan juist naar verhouding de minste energiezuinige woningen. In deze drie gemeenten heeft minder dan 1 op de 10 huizen momenteel een A-label (9,8%).
Ondanks dat steeds meer woningen een gunstig energielabel hebben, is er nog veel vooruitgang te boeken. Zo heeft vandaag de dag nog steeds 4,8% van de huizen energielabel F of G. Deze woningen zijn vaak slecht geïsoleerd en hebben verouderde verwarmingssystemen, echte energieslurpers dus. In de provincies Groningen (6,3%), Friesland (6,2%) en Zeeland (6%) is het aandeel milieubelastende woningen het grootst.
Koploper is Almere, hier heeft zelfs 41,9% van de woningen het duurzaamste energielabel. Ook het Zuid-Hollandse Lansingerland scoort goed qua duurzaamheid. De top 10 gemeenten met de meeste energiezuinige huizen in Nederland:
Almere (Flevoland): 41,9% van de woningen heeft energielabel A
Lansingerland (Zuid-Holland): 38,6% van de woningen heeft energielabel A
Zeewolde (Flevoland): 36,9% van de woningen heeft energielabel A
Diemen (Noord-Holland): 35,1% van de woningen heeft energielabel A
Vlieland (Friesland): 35% van de woningen heeft energielabel A
Purmerend (Noord-Holland): 34,8% van de woningen heeft energielabel A
Pijnacker-Nootdorp (Zuid-Holland): 34,2% van de woningen heeft energielabel A
Hendrik-Ido-Ambacht (Zuid-Holland): 33% van de woningen heeft energielabel A
Dijk en Waard (Noord-Holland): 32,9% van de woningen heeft energielabel A
Harlingen (Friesland): 32,3% van de woningen heeft energielabel A
In Westerwolde, Simpelveld en Beekdaelen staan juist naar verhouding de minste energiezuinige woningen. In deze drie gemeenten heeft minder dan 1 op de 10 huizen momenteel een A-label (9,8%).
Ondanks dat steeds meer woningen een gunstig energielabel hebben, is er nog veel vooruitgang te boeken. Zo heeft vandaag de dag nog steeds 4,8% van de huizen energielabel F of G. Deze woningen zijn vaak slecht geïsoleerd en hebben verouderde verwarmingssystemen, echte energieslurpers dus. In de provincies Groningen (6,3%), Friesland (6,2%) en Zeeland (6%) is het aandeel milieubelastende woningen het grootst.
Nobian eerste Europese grote producent (>100 MW) RFNBO-gecertificeerde groene waterstof
Met het verkrijgen van de International Sustainability and Carbon (ISCC) EU-certificering voldoet Nobian's groene waterstof aan de EU-criteria voor hernieuwbare brandstoffen van niet-biologische oorsprong (RFNBO). Gecertificeerde groene waterstof is geproduceerd met hernieuwbare energie en voldoet aan strikte CO2-eisen, wat bijdraagt aan transparantie en vertrouwen in de markt.
Nobian’s aanvraag voor de ISCC EU certificering is grondig gecontroleerd door Normec QS. Brandstofleveranciers en industriële waterstofgebruikers, zoals raffinaderijen, kunnen RFNBO gebruiken om te voldoen aan de EU 2030 CO₂-reductiedoelstellingen. Tegen 2030 moet 1% van alle transportbrandstoffen en 42% van alle industriële waterstof in de EU afkomstig zijn van RFNBO.
De productie van groene waterstof stoot tien keer minder CO2 uit dan de productie van grijze waterstof en is daardoor beter voor het milieu. Het wordt geproduceerd met hernieuwbare energiebronnen zoals wind, zon of waterkracht. Bij het chlooralkali elektrolyse productieproces worden zout en water gebruikt om essentiële chemicaliën te maken, waaronder waterstof. Als dit proces met hernieuwbare energie wordt uitgevoerd, is er geen CO₂-uitstoot, waardoor de groene waterstof een schone en duurzame energiedrager is.
Nobian’s aanvraag voor de ISCC EU certificering is grondig gecontroleerd door Normec QS. Brandstofleveranciers en industriële waterstofgebruikers, zoals raffinaderijen, kunnen RFNBO gebruiken om te voldoen aan de EU 2030 CO₂-reductiedoelstellingen. Tegen 2030 moet 1% van alle transportbrandstoffen en 42% van alle industriële waterstof in de EU afkomstig zijn van RFNBO.
De productie van groene waterstof stoot tien keer minder CO2 uit dan de productie van grijze waterstof en is daardoor beter voor het milieu. Het wordt geproduceerd met hernieuwbare energiebronnen zoals wind, zon of waterkracht. Bij het chlooralkali elektrolyse productieproces worden zout en water gebruikt om essentiële chemicaliën te maken, waaronder waterstof. Als dit proces met hernieuwbare energie wordt uitgevoerd, is er geen CO₂-uitstoot, waardoor de groene waterstof een schone en duurzame energiedrager is.